Extra vierge olijfolie is zo ongeveer de held van elk gezond eetpatroon. Je leest het in elk artikel over het mediterrane dieet, en ook ik raad het vaak aan. Des te vervelender is de uitslag van een nieuwe test. GezondNU beschrijft hoe de Keuringsdienst van Waarde 27 flessen liet onderzoeken die in Nederlandse supermarkten staan, allemaal met extra vierge op het etiket. Meer dan de helft voldeed niet aan wat er op de fles stond.
Dat betekent niet dat je olijfolie moet laten staan. Het betekent wel dat het etiket alleen niet genoeg zegt, en dat je met een paar simpele checks een veel betere kans hebt op een fles die zijn naam waard is.
Wat de test liet zien
Het programma liet de 27 flessen beoordelen door een erkend smaakpanel en een geaccrediteerd laboratorium. Dat is dezelfde combinatie die de Europese regels voorschrijven om olijfolie in te delen. De uitslag in het kort.
- 12 flessen haalden het niveau van extra vierge.
- 11 flessen werden teruggezet naar vierge, door smaakgebreken of een te hoge zuurgraad.
- 4 flessen vielen zelfs in de klasse lampante. Volgens de EU-regels mag zulke olie pas verkocht worden nadat hij chemisch is geraffineerd.
Opvallend was dat een hoge prijs geen garantie gaf. Er zakten ook dure flessen. De goedkoopste flessen in de test zakten wel allemaal, terwijl een paar betaalbare huismerken het juist goed deden.
Wat extra vierge eigenlijk belooft
De naam klinkt als marketing, maar er zit een vaste Europese definitie achter. Olijfolie wordt ingedeeld in klassen, en elke klasse moet voldoen aan chemische waarden en aan een proef door getrainde proevers.
| Klasse | Wat het betekent |
|---|---|
| Extra vierge | Alleen mechanisch geperst, zuurgraad hooguit 0,8 procent en het panel proeft geen enkel gebrek |
| Vierge | Ook mechanisch geperst, zuurgraad hooguit 2 procent, kleine smaakgebreken toegestaan |
| Lampante | Niet geschikt om zo te eten, moet eerst geraffineerd worden |
Een smaakgebrek klinkt vaag, maar proevers hebben er duidelijke namen voor. Ranzig, muf, azijnachtig of de geur van beschimmelde olijven. Zulke gebreken ontstaan vaak al voor het persen, als olijven te lang op een hoop liggen, of daarna, als de olie warm of in het licht wordt bewaard. Een olie kan dus bij het bottelen nog extra vierge zijn en een paar maanden later in een verlicht schap niet meer.
Waarom het voor je gezondheid uitmaakt
Hier zit voor mij de kern. Qua calorieën maakt het niets uit welke olijfolie je koopt. Elke olie levert ongeveer 9 kilocalorieën per gram, of het nu extra vierge, vierge of zonnebloemolie is. Wie op zijn gewicht let, wint niets met een duurdere fles.
Het verschil zit in de stoffen die alleen in verse, goede olie ruim aanwezig zijn, de polyfenolen. Hydroxytyrosol en oleocanthal zijn de bekendste. Ze worden in verband gebracht met een remmend effect op ontstekingen, en de Europese voedselautoriteit EFSA staat de claim toe dat polyfenolen uit olijfolie het LDL-cholesterol in het bloed beschermen tegen oxidatie. Die polyfenolen breken snel af als de olijven slecht bewaard zijn of de olie aan warmte en zuurstof wordt blootgesteld. Precies de olie die voor de keuring zakt, heeft er dus vaak minder van.
Je betaalt bij extra vierge eigenlijk voor die stoffen. Krijg je een fles die stiekem vierge is, dan krijg je wel de calorieën maar mis je een deel van waar je voor koos.
Zo kies je in de winkel een betere fles
Je kunt in de supermarkt geen laboratorium meenemen. Wel kun je de kans op een goede fles flink vergroten.
- Donker glas of blik. Licht is een van de grootste vijanden van olijfolie. Een doorzichtige fles in een fel verlicht schap is een slecht begin, hoe mooi de kleur ook oogt.
- Kijk naar het oogstjaar. De houdbaarheidsdatum zegt weinig, want die kan twee jaar na het bottelen liggen. Een oogstjaar of oogstdatum vertelt hoe vers de olie is. Kies de meest recente oogst die je kunt vinden.
- Herkomst zo precies mogelijk. Een fles uit één land, één streek of met een beschermde oorsprongsbenaming geeft meer houvast dan een fles met de vermelding mengsel van olijfoliën uit de Europese Unie.
- Laat je niet leiden door koudgeperst. Bij extra vierge hoort dat al. Het is geen extra kwaliteitskenmerk maar een verplichting die er met grote letters op wordt gezet.
- Koop niet te groot. Een fles die je binnen een paar maanden leeg hebt, blijft beter dan een grote bus die een half jaar openstaat.
Thuis proeven en goed bewaren
Thuis kun je zelf een eerste test doen. Schenk een beetje olie in een glaasje, warm het op in je hand en ruik. Goede extra vierge ruikt fris, naar vers gras, groene appel of artisjok. Proef daarna een slokje. Een lichte bitterheid op de tong en een prikkel achter in de keel zijn goede tekenen, dat is het oleocanthal. Ruikt de olie naar karton, oude noten of is hij vlak en vettig zonder enige smaak, dan is hij over zijn hoogtepunt heen.
Bewaar de fles daarna niet naast het fornuis, hoe handig dat ook is. Een donkere kast op kamertemperatuur is beter, en draai de dop steeds goed dicht. In de koelkast kan olie troebel en stroperig worden. Dat is niet schadelijk, maar wel onhandig.
Wat mij betreft hoef je de dure fles niet te bewaren voor speciale gelegenheden. Gebruik goede olie gewoon over je salade, je groenten of een stuk brood, want daar proef en krijg je het meeste van. En wil je weten wat olijfolie bij een maaltijd met je bloedsuiker doet, lees dan mijn stuk over eerst olijfolie en dan koolhydraten.
















