Koolhydraten zijn de voornaamste energiebron voor het lichaam. De koolhydraten die het lichaam binnenkomen worden omgezet in suikers tijdens de vertering. Als het lichaam energie nodig heeft dan spreekt het de koolhydraten uit voeding aan. De koolhydraten komen als suiker in de bloedbaan terecht waarna het wordt getransporteerd naar de plekken in het lichaam waar het nodig is. Koolhydraten worden verdeeld in simpele en complexe koolhydraten.
Simpele koolhydraten
Koolhydraten die direct door het lichaam worden afgebroken en gebruikt voor energie zijn de simpele koolhydraten. Het voordeel van deze koolhydraten is dat ze voor snelle energie zorgen. De simpele koolhydraten worden snel verteerd waardoor ze snel in de bloedbaan terechtkomen. Als de energie niet direct gebruikt wordt dan worden de suikers opgeslagen voor later in de vorm van vet. Voorbeelden van simpele koolhydraten zijn de volgende:
- Tafelsuiker
- Druivensuiker
- Limonade
- Honing
- Chocolade
- Jam
- Appelstroop
Complexe koolhydraten
Complexe koolhydraten worden niet snel door het lichaam verteerd waardoor het langer duurt voor ze omgezet worden naar suikers. De complexe koolhydraten leveren energie over een langere periode. Het lichaam heeft op deze manier een stabiele toevoer van nieuwe energie. Je hebt hierdoor meer tijd om wat met de vrijgekomen energie te doen. Voorbeelden van complexe koolhydraten zijn de volgende:
- Bruine rijst
- Bruin brood
- Pasta
- Aardappelen
- Havermout
- Brinta
















